kenmerken Nederlandse versie

characteristics of a narcissistic person

  1. Zelfgerichtheid: Een narcistische ouder is vooral gericht op zichzelf. Ze vinden hun eigen behoeften extreem belangrijk en hebben amper oog voor de behoeften van jou als kind.
  2. Manipulatief gedrag: Narcisten zijn in het algemeen erg manipulatief. Ze spelen in op je schuldgevoel en gebruiken tactieken als gaslighting om je te controleren.
  3. Gebrek aan empathie: Een narcist is niet in staat om empathie te voelen voor een ander.
  4. Voorwaardelijke liefde: Een gezonde ouder houdt onvoorwaardelijk van je. Ongeacht wat er gebeurt en wat je doet. Dit geldt niet voor een narcistische ouder. Ze houden van je onder bepaalde voorwaarden. Je krijgt dus alleen liefde als je doet wat je ouders willen.
  5. Gevoel van superioriteit: Een narcistische ouder kan het gevoel hebben dat hij of zij superieur is vergeleken met anderen. Ze kijken neer op anderen en dat laten ze ook duidelijk merken.
  6. Heeft altijd kritiek: Bij een narcistische ouder kun je het nooit goed doen, er is altijd kritiek op wat je doet, hoe je er uitziet en wie je bent.
  7. Gekrenkt ego: Een narcistische ouder heeft snel een gekrenkt ego. Dat betekent dat bij het minste of geringste ze het gevoel hebben dat je ze beledigd. Dit kan een hoop gedoe en geruzie opleveren.
  8. Afhankelijkheid: Een narcistische ouder is afhankelijk van een stukje voeding om een leegte in zichzelf op te vullen. Ze verwachten dat jij dit opvult. Ze laten je niet los en verwachten dat je er altijd staat.
  9. Liegen: Een narcistische ouder kan tegen je liegen. Bijvoorbeeld door vreemd te gaan of in andere situaties.
  10. Het perfecte plaatje: Voor de buitenwereld lijkt het alsof je bent opgegroeid in een perfect gezin. Een narcistische ouder is een meester in het neerzetten van een schijnwerkelijkheid. In de buitenwereld zijn ze charmant, innemend en vriendelijk. Thuis gedragen ze zichzelf totaal anders. Er is sprake van manipulatie, je loopt op eieren en er kan zelfs sprake zijn van fysieke mishandeling.
  11. Respecteren van grenzen: Een narcistische ouder respecteer je grenzen niet. Hoe je ze ook probeert aan te geven. In de kern maakt het niet uit.
  12. Straffen: Een narcistische ouder kan je straffen wanneer je iets fout doet. Dit kan bijvoorbeeld met een stiltebehandeling. Dan praten ze simpelweg niet met je, ze negeren je.
  13. Extreme woede uitbarstingen: Een narcistische ouder wil ten koste van alles zijn of haar zelfbeeld beschermen. Verliest de narcist de controle of heeft hij/zij het gevoel dat het zelfbeeld bedreigd wordt dan kunnen ze intens boos worden. Als kind probeer je dit ten koste van alles te voorkomen. Dit kan samengaan met fysiek geweld.

characteristics of a child of a narcissistic parent

  • De neiging hebt om jezelf te overschreeuwen
  • Een enorme bewijsdrang hebt ontwikkeld
  • Niet uitspreekt wat er diep van binnen in jou leeft
  • Je een enorme perfectionist bent, als je geen fouten maakt kunnen je ouders immers niet boos worden
  • Je alles op jezelf betrekt, het zal wel aan jou liggen als er dingen fout gaan
  • Je vraagt geen hulp, dat heb je wel afgeleerd
  • Je bent extreem alert op wat er in je omgeving gebeurt.
  • Je durft geen grenzen aan te geven
  • Je bent afhankelijk van de goedkeuring van anderen
  • Je schiet in de reddersrol, je hebt zo je ouders proberen te redden.
  • Je sluit je emotioneel af voor de mensen om je heen
  • Je bent extreem gevoelig voor afwijzing
  • Je bent vaak bang dat je tot last bent
  • Je hebt een laag gevoel van eigenwaarde.
  • Je cijfert jezelf helemaal weg, in je drang om gezien te worden
  • Spenderen een groot deel van hun tijd aan het zorgen voor anderen.
  • Voelen zich verantwoordelijk voor de gevoelens en het welzijn van anderen.
  • Doen hun uiterste best om harmonie te bewerkstelligen en gevoelens van anderen te verzachten.
  • Hebben zelden het gevoel dat aan hun eigen behoeftes wordt voldaan.
  • Je doet nooit moeilijk
  • Je bent nooit lastig
  • Je cijfert jezelf weg
  • Je past je volledig aan
  • Je doet alles om het anderen naar de zin te maken
  • Je let op anderen
  • Je bent vaak angstig
  • Gevoel van leegte
  • Je weet niet goed wie je bent
  • Zelfvertrouwen heb je niet of in geringe mate
  • Je schaamt je snel
  • Je voelt je overal schuldig over
  • Je hebt moeite met autoriteit
  • Je hebt moeite met anderen te vertrouwen
  • Je bent op je hoede (vooral naar mannen)
  • Moeite met het aangaan en in stand houden van relaties
  • je gaat steeds meer afstand nemen, niet graag op bezoek
  • je gaat steeds minder vertellen over wat jou bezig houdt
  • want het is toch nooit goed en nooit goed genoeg